Geschiedenis

 

Uiteraard is er heel veel te vertellen over onze rijke geschiedenis van zowel OKK als GVO. Echter zijn we op zoek naar de vertellers… We hebben al een aantal mooie foto's gevonden uit de historie van GVO. Heeft u informatie, foto's of ander materiaal wat deze pagina niet mag missen? Mail ze door en ze worden geplaatst.

 

Deze foto's zijn gemaakt in de jaren 50, in de welbekende eierhal, waar nu Blokker zit. Overdag werden de verkopen gedaan, ’s middags werd de hal schoongemaakt door Jenne Klomp, en daarna kon men in de namiddag sporten. 

 

Henk Kampman, al meer dan 60 jaar verbonden aan gymvereniging Energy Ommen, is nog altijd actief in alles wat hij doet. Niet alleen maar voor de gymvereniging is hij druk. Elk jaar zet Henk zich in om de Bissingh Sportdag, welke in de zomervakantie plaatsvindt, zo gevarieerd mogelijk te maken. De voorbereidingen hiervoor, het mobiliseren van sportverenigingen en bedrijven, zijn op zijn lijf geschreven. 

Sinds 2012 is Henk Erelid van gymvereniging Energy Ommen, voorheen GVO en OKK. Maar wat ging er allemaal aan vooraf? Dat willen we graag met u delen en daarom houden we een vraaggesprek met Henk. 


Henk, in september ben je 60 jaar verbonden aan de gymnastiekvereniging.  Een lange tijd waarin veel is gebeurd. Op welke leeftijd ben je begonnen met gym en waar was dit? 

-Ik denk al wel langer dan 60 jaar, ik heb nog een diploma van 1954! Ik ben als kleuter begonnen met gymnastiek. In de welbekende eierhal, waar nu Blokker zit. Overdag werden de verkopen gedaan, ’s middags  werd de hal schoongemaakt door Jenne Klomp en daarna konden we in de namiddag sporten. Opmerkelijk was de grote jongensgroep in die tijd.  Hierin zaten onder andere Herman van Aalderen, Gosse van Elburg, Jan Pouls, Henk Jansen, Rein Bouwhuis, Wilco Buiter en ikzelf. Materialen van toen waren flink anders dan nu. De rekstok opbouwen, bijvoorbeeld, duurde een half uur. 

In de winter was het soms zo koud dat je met z’n allen rond de kolenkachel stond.



Je deed ook mee aan wedstrijden. Heb je veel gewonnen? 

-Als 13-jarige jongen deed ik mee aan de Overijsselse kampioenschappen. Ik ben toen individueel Overijssels Kampioen geworden. Op zaterdags ging ik naar Zwolle waar ik deelnam aan het Keur korps. Daarin zaten jongens uit de provincie die daarvoor werden uitgenodigd. We kregen daar twee uur extra training per week. Samen met Jan Pouls ging ik daar naar toe. Hij was een elegante turner en ik was meer een sterkere turner. Ik had meer kracht. Rond die tijd deden we ook met een groepje van vier turners mee aan wedstrijden. Hierin zaten Henny Oldeman, Gosse van Elburg, Jan Pouls en ikzelf. In Leeuwarden deden we mee aan wedstrijden en zijn we derde geworden van Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en Gelderland. Dat was geen slecht resultaat als je bedenkt dat we maar 1 uur training hadden per week. Als we tweede waren geworden hadden we mee kunnen doen aan de Nederlandse Kampioenschappen. Maar dat is helaas net niet gelukt. Als ik tegenwoordig naar de groepen kijk, dan zou je per dag al minimaal twee uur moeten trainen om een beetje mee te kunnen doen. Mijn favoriete onderdelen waren met name de Brug en Ringen. In die tijd kon ik vrij makkelijk vanuit een hoeksteun drukken naar handstand. Een leuke anekdote om te delen is het volgende: Er was in Hardenberg een informatieavond van de HBS. Er waren acht jongens die de brug op de schouders namen. Ik ben daar bovenop gaan zitten in spreidzit en toen drukte ik me vervolgens naar een handstand. De aanwezige ouders maakten later een bezorgde opmerking naar de gymleraar: “Moeten onze kinderen dat later ook kunnen?” Dat was best grappig! Natuurlijk was dat niet nodig.

Je bent 21 jaar bestuurslid geweest, van 1969 tot 1990. Een hele andere tijd dan nu. Wat was het meest opmerkelijk wat je in die periode hebt meegemaakt?

-Dat klopt. In die tijd hadden ze een tekort aan bestuursleden en hebben ze me gevraagd. Na verloopt van tijd was het niet verstandig om leiding in het bestuur te hebben. Je praat als bestuur ook over leiding-zaken. Daarom is later besloten om geen leiding meer in het bestuur te laten plaatsnemen en ben ik er weer mee gestopt. Niet erg, want ik stak heel veel energie in het lesgeven en het organiseren van gym-gerelateerde zaken.

Het leuke was het vergaderen bij iemand thuis. Dan was er een hapje en na het vergaderen een pilsje. Er werd gemoedelijk gediscussieerd over wat we allemaal zo deden. Het organiseren van activiteiten en dergelijke.

Tegenwoordig zie ik een groep dames die fantastisch werk doen als bestuursleden. Ik ben best trots dat ik nog steeds mag en kan meedoen, hetzij niet als bestuurslid, maar als leiding. Daardoor voel ik me nog steeds 18 jaar.

Rond de jaren ‘80 heb je veel te maken gehad met Amerikaanse gymnasten uit Baton Rouge. Ze zijn hier meerdere jaren te gast geweest. Hoe is dit contact tot stand gekomen?
-In die tijd was er een groep Amerikanen uit Louisiana, Baton Rouge. Ze deden een tour door Europa. Deze startte in België, ging vervolgens naar Frankrijk, Italië, Zwitserland, Duitsland en als laatste waren ze hier in Nederland, in Hardenberg. Ze hadden daar een uitvoering. In de pauze ben ik naar de coach gegaan, heb met hem gesproken en aangegeven dat als ze weer op reis zouden gaan en niet in Hardenberg terecht konden, ze bij ons welkom waren. Twee jaar later is dit inderdaad gebeurd. Ze zouden twee dagen blijven, maar zijn uiteindelijk, omdat er iets mis ging m.b.t. de terugreis, de hele week gebleven. We zijn toen met ze naar Giethoorn geweest en naar de camping van de Lindenberg. Daar hebben we een zeskamp gehouden. Ook Staphorst hebben we bezocht. En op die manier is er een vriendschap ontstaan. De eerste keer dat wij hen bezochten in Amerika waren we met 16 man. Ineke van Elburg, Anita Dieleman met moeder, Jos Siero, Jannie en Frans Brant met hun gezin en mijn gezin met Henny, Petra en Rob. We sliepen daar bij de mensen thuis en gingen met een motorhome op stap.  Op die manier hebben we al zo’n 35 tot 40 jaar contact. De oudere coach van die groep, Smo, is helaas onlangs overleden. Hij had destijds een eigen gebouw waarin gymnastiek gegeven werd. In Nederland word je lid van een vereniging, maar in Amerika is gymnastiek een bedrijf. De kinderen daar trainden ook twee tot drie uur per dag. Het niveau lag dan ook vrij hoog. 
De Jongere coach Kevin komt volgend jaar, op zaterdag 25 februari 2017, weer terug naar Nederland tezamen met een zangkoor van de Baton Rouge High School. Hij geeft daar gymles en is gevraagd deze tour te begeleiden. De organisatie in Nederland doe ik samen met Peter Kramer. Het koor zal, als het lukt, gaan zingen in de Hervormde kerk. 

In 1996 heb je bij de RTL4 Recordshow van de Nationale Postcodeloterij met 50 mensen touwtje gesprongen. Een hele belevenis lijkt me. Hoe is dit tot stand gekomen en is de recordpoging gelukt?

-In die tijd waren er uitzendingen met Martijn Krabbe, waarin steeds records verbeterd werden. Er was een groep touwtjes-springers op tv, ik keek daarnaar en dacht: ”Dat kunnen wij veel beter!” Ik heb een korte brief geschreven met de uitleg dat ik gymlessen gaf en wat ik gezien had, wij natuurlijk veel beter konden. Meer stond er niet in. Binnen 14 dagen kreeg ik antwoord.  We mochten komen. Ik heb op dat moment met het bestuur overlegd dat ik dit op eigen initiatief zou doen, maar dat de naam GVO nadrukkelijk aanwezig zou zijn. Daarna heb ik heel veel gymnastiekleden erbij gehaald, mensen van de Spelweek en andere mensen. We hebben uren getraind in de brandweerkazerne. We hebben zelfs een keer een trainingssessie rond de Hervormde kerk gedaan. TV Oost was er toen bij, de burgemeester en de sportraad. Toenmalig burgemeester Ter Avest hebben we ook nog laten springen. De warming up bestond uit het rondjes lopen rond de kerk. We hebben toen heel wat afgelachen met elkaar.

Tijdens de eerste uitzending wonnen wij de eerste ronde. Wij  sprongen met 50 man tegelijk in 1 touw.  Een ander element was een dubbel touw waar je links en rechts moest inspringen, en daar zijn we tweede mee geworden. Dit was ook weer erg mooi. De groep bij dit element was kleiner.  Wederom gesprongen met een geweldig team. 

We hebben daar een flinke pot aan overgehouden, waar we een enorm feest van hebben gehouden. Eerst met de boot naar de Stuw, daar lekker gegeten, en toen weer terug. Super belevenis! 

Ook heb je aan de NCRV Zeskamp meegedaan.

-Klopt, dat is inmiddels ook alweer dertig jaar geleden. Daar hebben we ook de eerste ronde gewonnen. We hebben hier ook voorselecties gehouden. Er waren 100 mensen die graag mee wilden doen in ons team. Door middel van selectietrainingen zijn daar de beste naar voren gekomen waarmee we de strijd aangingen. In verschillende plaatsen werden zeskampen gehouden waaronder Bolsward, Hardenberg, Zwolle en Tietjerkadeel (Friesland). We hadden een beregoed team, al zeg ik het zelf. In de finale zijn we derde geworden. Dit kwam door een spel waarin we geblinddoekt waren. We begrepen elkaar niet, waardoor alles niet vlot verliep. Maar derde was ook een mooi resultaat. 

Sinds 2004 ben je sportleider van de HIB groep. Een speciale groep waarin extra medische aandacht nodig is. Wat doen jullie zoal in deze groep, en wat trekt je zo aan?

-Martha Mastenbroek en haar dochter Carla hebben samen het initiatief genomen om de Hart IBeweging groep op te richten. Carla verzorgde de lessen. Omdat Carla werd gevraagd voor de landelijke skeelerploeg, had ze geen tijd meer om deze lessen te verzorgen en werd ik daarvoor gevraagd. Na wikken en wegen heb ik dit opgepakt en ben toen een jaar lang naar Utrecht geweest om extra cursussen hiervoor te volgen.  Een hele ervaring. Wat me trekt aan deze groep? 

Ik vind het heel bijzonder dat je les mag geven aan mensen die op verschillende manieren fysieke problemen hebben. Bij deze groep is het mijn zorg om hun te laten merken van: Hé, ik kan nog wat! Daardoor worden de deelnemers uitgedaagd om net even sneller te lopen of juist wel mee te doen aan een oefening. Dit stimuleert de zelfverzekerdheid. Ook is het een soort ervaringsuitwisseling. Elke maand gaan we koffiedrinken met elkaar, waarin ook gepraat wordt over bijvoorbeeld medicaties en de ervaringen daarmee. Dit maakt dat het een hele hechte groep is. Er zijn een aantal mensen al lid vanaf het eerste uur. 

Ik val ook met enige regelmaat in voor andere HiB groepen in, bijvoorbeeld in Raalte.

Daarnaast geef ik ook nog eenmaal per week les aan Parkinsonpatiënten via Stichting de Stuw in Hardenberg. Dat is een totaal andere groep. Hier is de kunst om de mensen toch weer in beweging te krijgen. Mensen die verder in het ziekteproces zitten, hebben bijvoorbeeld meer moeite met lopen en dit vergt weer een hele andere aanpak in het aanbieden van oefeningen. Ook geweldig om te doen.

Wat is je in al die jaren gymnastiek het meest bijgebleven?

-Dat de mogelijkheden om te sporten gigantisch zijn uitgebreid. Kijk alleen al naar de materialen. Op oud beeldmateriaal van de eierhal staat een oud paard met beugels, tegenwoordig staat er een pegasus, een tumblingbaan, een minitramp. Toen ik in de 60-er jaren begon met de HBS, zag ik voor het eerst een mintramp. Ik had dat nog nooit gezien. De kennis is steeds hoger geworden.  Ik heb ook veel cursussen gevolgd de afgelopen jaren om die kennis bij te houden. Gymnastiek is steeds meer aan het professionaliseren. Bij de HiB groep zijn bijvoorbeeld 10 mensen die als achterwacht fungeren tijdens de lessen. Zij hebben een EHBO diploma, kunnen reanimeren en weten om te gaan met het AED apparaat mocht dit noodzakelijk zijn. Dat was vroeger niet voor te stellen.

We hebben veel georganiseerd de afgelopen jaren. Bijvoorbeeld de Ommer bokaal. Tien jaar geleden las je overal in de krant dat de selecties aan het springen waren bij wedstrijden. Ik heb toen bedacht dat het leuk zou zijn om in de gemeente zelf, met alle gymverenigingen, zoals FIT uit Lemele, MABEKO uit Lemelerveld, OKK en GVO, een wedstrijd te organiseren. We streden tegen elkaar om de Ommer  Bokaal. De bedoeling was dat iedereen van de vereniging mee kon doen. We hebben daar al meerdere keren wedstrijden van gehad. Met 7 banen tegelijk werd er gesprongen, met een deelnemersveld van zo’n 350 deelnemers in de leeftijd van 8 tot 50 jaar.  Het ging om de eer van Ommen.  Om dit nu weer op poten te zetten moet je dit opnieuw bedenken. Lemelerveld is inmiddels gemeente Dalfsen geworden. Dus dan hou je alleen Lemele en Ommen over. Een kleine en grote vereniging geeft niet zo’n mooie strijd als destijds met vier verenigingen. 

Hoe blijf je zelf, naast al het lesgeven, fit? 

Het mooie is dat ik, bij de lessen die ik geef, ook zelf meedoe. Als ik de Galm groep als voorbeeld neem, daar zit altijd een stukje rek- en strekoefeningen in en dan laat je de oefeningen zien die zij ook moeten doen.  Als er een spel wordt gedaan, waarbij twee even grote groepen nodig zijn, doe ik graag mee als dit nodig is. 

Het voet-volleybalspel is een van mijn favorieten…….we zijn met de Herengroep heel fanatiek daarin. Ook Dutch tennis is een geliefd spel.

Ik fiets daarnaast veel. Dat vind ik wel heel belangrijk: Vitamine D halen uit de buitenlucht en bewegen.

De kleinkinderen houden me ook fit. Spelletjes als hard wegrennen, waarna ze me achterna rennen, vind ik geweldig. Daar beleef ik heel veel plezier aan. Ik heb 6 kleinkinderen, in de leeftijd van 2 tot 18 jaar. Vier meiden Anouck, Mariska, Danielle, Linn en twee jongens Tijn en Stef.  Ik hoop dat de jongsten straks ook een beetje sportminded worden. Ze moeten een sport kiezen die ze zelf leuk vinden en waar ze vriendjes hebben. Mijn kleindochter Mariska heeft ook jaren geturnd. Strak en elegant, ook prijzen gewonnen, waaronder kampioen van Overijssel bij Toestelturnen.  Op dit moment speelt ze, net als Danielle, volleybal.  Ook daar ga ik graag kijken als ze in Ommen een wedstrijd heeft. Maar ik mag dan niet te hard schreeuwen van haar. 

Wil je  tot slot nog iets kwijt aan sportief Ommen, de Gymvereniging of anderen?

- Ik hoop dat iedereen beseft dat bewegen gigantisch belangrijk is. Je leest het, je hoort het, maar zorg ook dat je het oppakt. Dus niet zeggen van goh, je hebt wel gelijk, en dan vervolgens blijven zitten. Zorg dat je in ieder geval de fiets pakt of gaat lopen. Vind een maatje.  Als je wat ouder bent en je hebt een maatje, dan ga je ook wat eerder. Voor de jeugd geldt dit ook. Geen excuses van geen tijd. Wat je echt wilt, daar maak je tijd voor. 

Voor de gymnastiekvereniging vind ik dat ze het geweldig doen. Het bestuur is super. Het is nu voltallig, geloof ik. Maar ik  ben blij dat er mensen zijn die zich zo inzetten voor de vereniging. Daardoor kunnen we met zijn allen toch sporten. Er is goed overleg met de gemeente, de bond en de leiding. We hebben gelukkig ook een jonge groep leiding, waar ik als jonge oude nog steeds mag meedoen. Daar ben ik heel blij mee. 

 

Tekst: Ilonka Mulder


Sponsoren